headerblauw1

… en dope zijn voet in olie. IJzer en koper zal onder uw schoenen zijn; zoals uw dagen zijn, zo zal ook uw kracht zijn? Deuteronomium 33 : 25.

Nieuwe schoenen, een ieder is er op zijn tijd wel aan toe. En een goede schoen aan je voet is heel belangrijk! Voor je rug bijvoorbeeld. Maar de keuze heeft ook te maken met wat je van plan bent. Wil je er mee uitgaan, sporten, werken of wandelen. Het land waar het volk Aser woont, waar Deut.33 over spreekt, vind je in het uiterste Noorden van Israel. Het is allesbehalve een land om op sandalen doorheen te trekken. De bodem ligt vol losse stenen en als je niet oppast, glijd je uit. Telkens zijn er rotsen waar je overheen moet. Wat zal een reiziger in dat land beginnen als hij geen schoenen heeft, die passen bij de weg? Maar nu geeft God een speciale belofte aan Aser. IJzer en koper zal onder uw schoenen zijn. God zal Aser een uitrusting geven, die precies past bij de moeilijke omstandigheden. Als je een bergwandeling gaat maken, zorg je voor stevige schoenen. Wij gaan toch ook niet naar de bergen in Zwitserland op slippers? Schoenen met profiel. Soms zijn ze zelfs met spijkers beslagen. Want spijkers geven extra grip. Je beschermt je zo goed mogelijk. Zo trekt Aser schoenen aan met beslag van ijzer en koper. Schoenen die geschikt zijn voor een bergachtig terrein! Ook wij moeten dat doen. Stevig beslagen op pad gaan. Maar waar vind je zulke schoenen? Dure Van Bommels zijn niet goed genoeg als je onderweg ineens te maken krijgt met een hartinfarct. En met sportieve Nikes klauter je echt niet over een rots van verdriet en eenzaamheid. Bij Paulus lees ik ook over schoenen, die genoeg profiel hebben, die voldoende steun geven. Het zijn schoenen, die bij de standaarduitrusting van een christen horen. In Efeziërs 6 : 15 schrijft Paulus, dat onze voeten geschoeid moeten zijn met de bereidvaardigheid van het evangelie des vredes. Dat zijn moeilijke woorden, maar ze betekenen gewoon, dat een christen die in het evangelie van Jezus Christus gelooft in zijn hart ook de vrede ervaart, die dat evangelie schenkt. En die vrede maakt hem weerbaar. Die vrede zorgt ervoor, dat hij een stootje kan hebben. Als je die vrede ervaart, sta je stevig in je schoenen. En deze schoenen heeft God in de aanbieding. Een speciale aanbieding. Geloof het evangelie van Jezus Christus en je krijgt de schoenen er gratis bij! Schoenen voor onderweg. Zodat u ook op steile stukken verder kunt en op glibberige plaatsen niet uitglijdt! Er zijn dagen dat je weg over rozen gaat en dagen waarop alles tegen zit. God zegt niet: hier heb je een rugtas en daar zit alles in wat je nodig hebt. Verband voor als je struikelt en je bezeert. Dextro Energy voor als je niet meer verder kunt. Nee, God zegt: je krijgt schoenen en onderweg zal Ik je steeds geven wat je verder nodig hebt. Kracht voor vandaag, blijde hoop voor de toekomst. Kracht om je voor te bereiden op je examen. Kracht om je eigen woning te verlaten en naar het verzorgingstehuis te gaan. In de jaren nemen onze krachten af. Onze benen worden zwakker. Onze voeten worden sneller moe. Dan doet een mens er goed aan, dat hij zich niet verzet tegen wat onvermijdelijk is, maar dat hij zijn schoenen nog eens extra vastknoopt. Niet alleen let op de stenen, die de weg moeilijk begaanbaar maken, en op de rivier die hij uiteindelijk over moet. Maar let ook op het einddoel van het geloof. Want als dan eindelijk al onze dagen zijn geteld, als we aan het einde van de reis gekomen zijn, dan nodigt de Here ons binnen in zijn woning en zegt: Trek nu je schoenen maar uit. Dan wast Hij vol liefde al het vuil van onze voeten. De modder en het stof. Hij verzorgt de blaren. En dan mogen we net als Aser onze voeten dopen in olie. Om vervolgens aan te zitten aan Zijn maaltijd. En zo eeuwige vreugde te ervaren.

Hans Lowijs.

Dagelijks Woord

  • dinsdag 16 januari 2018 - 1 Johannes 5:11-12
    Dit getuigenis luidt: God heeft ons eeuwig leven geschonken en dat leven is in zijn Zoon. Wie de Zoon heeft, heeft het leven. Wie de Zoon van God niet heeft, heeft het leven niet. -- 1 Johannes 5:11-12