headerblauw1

'En de andere discipel liep vooruit, sneller dan Petrus...'. (Johannes 20 : 4a)

Ook Petrus heeft Pasen beleefd. En hoe...! Die paar dagen tussen Goede Vrijdag en Pasen moeten verschrikkelijk geweest zijn. Petrus geloofde toen nog niet dat er een opstanding zou volgen. Dus meende hij dat nu alles voorbij was. Daar bleef hij alleen over met zijn onvergeven schuld... Deze enkele dagen leken jaren te zijn. Toen was daar plotseling dat gerucht. Maria was er mee gekomen. Maria Magdalena! Maar was haar getuigenis betrouwbaar? Kon zij nog wel helder denken? Ze was zo volslagen ontredderd. Johannes en Petrus gingen daarop naar het graf. Tegelijk gingen zij van start. Maar al heel gauw bleef Petrus achter. Dat is vreemd. Goede vrienden blijven bij elkaar, spreken met elkaar. Deze twee hadden ook veel met elkaar te bepraten. Toch bleef Petrus achter.

Als Maria eens gelijk had? Dat zou een ongekende verrassing betekenen. Dan was de verschrikking van het kruis gauw vergeten. Hij hoopte met héél zijn hart dat het waar mocht zijn. Maar er was toch ook een andere gedachte. Stel eens dat hij weldra Jezus zou ontmoeten, samen met Johannes. Het zou kunnen dat het voor hem toch een teleurstelling zou worden. Hij vreesde toch ook voor die ontmoeting. Het zou kunnen dat hij weggestuurd zou worden; dat Jezus hém er niet bij wilde hebben. Johannes wél, maar Petrus niet! Die gedachten hebben hem wellicht beziggehouden. Hij durfde niet; de moed zonk hem in de schoenen. Maar weet je nu wat zo mooi is? Dat Petrus toch met al zijn verdriet én schuld naar het graf gaat. Hij zoekt toch Jezus daarin. Judas deed dat anders. Petrus zou gezongen kunnen hebben:

'Heer', waar dan heen, tot U alleen, gij zult ons niet verstoten; Uw eigen Zoon, heeft tot de troon, de weg ons weer ontsloten'.

Hans Lowijs

Dagelijks Woord

  • dinsdag 20 november 2018 - Zacharia 8:16-17
    Hier moeten jullie je aan houden: Spreek de waarheid tegen elkaar, bewaar de vrede door eerlijk en rechtvaardig recht te spreken; wees er niet op uit om een ander kwaad te doen en laat je niet verleiden tot meineed, want daar heb ik een afkeer van – spreekt de HEER. -- Zacharia 8:16-17