headerblauw1

Het moet in een land in Afrika gebeurd zijn. Daar was een internaat waar kinderen van zendelingen woonden. Rebellen waren van plan alle kinderen en hun onderwijzers en onderwijzeressen te vermoorden.

Toen ze in het internaat de rebellen zagen aankomen, ging iedereen op de knieën om God om bescherming te bidden. Er was alleen maar een heg om het huis en er stonden een paar soldaten. Maar dat betekende niets tegen zo’n overmacht van vijanden.

Plotseling zagen ze dat de rebellen zich omkeerden en wegrenden. De volgende dag gebeurde hetzelfde en ook de daaropvolgende dag. Toen bleven ze weg.

Eén van de rebellen was gewond geraakt en werd naar het zendingshospitaal gebracht. Toen de dokter bezig was zijn wonden te verbinden vroeg hij; ‘Waarom zijn jullie niet in ons internaat binnengevallen? Jullie waren toch van plan ons te doden?’

De man antwoordde: ‘Dat konden we niet. We zagen honderden soldaten in witte uniformen en we werden doodsbang’.

In Afrika zijn nooit soldaten in witte uniformen… De rebellen hadden engelen gezien.

Hans Lowijs, pastor

Dagelijks Woord

  • donderdag 16 augustus 2018 - Jesaja 35:3-6
    Geef kracht aan trillende handen, maak knikkende knieën sterk. Zeg tegen het moedeloze volk: ‘Wees sterk en vrees niet, want jullie God komt met zijn wraak. Gods vergelding zal komen, hijzelf zal jullie bevrijden.’ Dan worden blinden de ogen geopend, de oren van doven worden ontsloten. Verlamden zullen springen als herten, de mond van stommen zal jubelen: waterstromen zullen de woestijn splijten, beken de dorre vlakte doorsnijden. -- Jesaja 35:3-6